De Bouvier des Flandres is een grote Vlaamse koehond met warrig haar en werd voornamelijk gefokt voor het hoeden van vee. Zijn ras naam betekent letterlijk “koehond uit Vlaanderen”. Een andere bijnaam van de bouvier is “toucheur de boeuf”, wat de “bestuurder van het vee” betekent.

De fysieke kenmerken van de Bouvier die het ras zijn charme geven, zijn de warrige wenkbrauwen, snor en baard. De baard zal constant nat worden en er zullen deeltjes voedsel en vuil aan blijven kleven, waardoor wij Nederlanders dit ras liefkozend “vuilbaard” noemen.

Behalve op het gebied van vee hoeden, hielp de Bouvier ook op de boerderij bij het trekken van karren. Tegenwoordig is het ras in dienst als waakhond, hulphond, of als speurhond om de politie en het leger te helpen met opsporings- en reddingswerk.

Geschiedenis

De Bouvier komt uit Vlaanderen in België en wordt verondersteld een Frans-Belgisch ras te zijn dat voortkomt uit de kruising tussen een Belgische Griffon en een Franse Beauceron. Daartussen zou ook nog een Engelse sheepdog en een Franse Barbet voorkomen. Ze werden destijds gefokt om als werkhonden op de boerderijen te helpen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden ze gebruikt als boodschappers en reddingshonden.

De Bouvier werd in 1910 erkend als ras en de eerste standaarden voor dit ras werden ontwikkeld in 1912. In 1923 werd een rasclub opgericht in België. In 1920 arriveerde het ras in de Verenigde Staten en werd in 1929 door de kennelclub erkend.

Fysieke eigenschappen

Bouviers zijn grote, krachtig gebouwde honden. Ze zijn tot aan schouderlengte 60 tot 90 centimeter hoog. De mannetjes wegen tussen de 34 en 49 kilo en de vrouwtjes tussen de 27 en 36 kilo. Zelfs voor hun bouw en gewicht zijn deze honden indrukwekkend behendig en hebben ze een goed uithoudingsvermogen.

Bouviers hebben een grote, zware kop met een baard en snor, een langwerpige neus en een brede, krachtige snuit. Ze hebben donkere ogen en driehoekige rechtopstaande oren. De voorpoten zijn recht en gespierd. Ze hebben een kort, krachtig lichaam met een sterke staart.

Bouviers hebben een dikke, weerbestendige dubbele vacht. De bovenste vacht is grof en stug, terwijl de ondervacht fijn en compact is.

De voorkomende vachtkleuren zijn lichtbruin (hertenkleur), zwart, peper-en-zout kleur en zwartbruin. Het enige witte wat voorkomt is een klein plekje op de borst.

Karakter

De Bouvier des Flandres heeft meerdere aspecten in zijn persoonlijkheid. Het ras staat erom bekend zeer intelligent te zijn. Deze rashonden hebben constante mentale stimulatie nodig, daarom zijn ze heel goed om mee te trainen. De basis-gehoorzaamheidstraining zou vanaf dat ze nog puppy zijn moeten beginnen, zodat ze opgroeien met respect voor mensen en regels.

Een ander aspect van zijn karakter is de kalme, relaxte houding. Bouviers zijn aanhankelijk naar de baasjes, maar niet op de uitbundige manier van op en neer springen van vreugde als ze je zien. Dit ras uit zijn gevoelens niet als andere rassen. Deze honden tonen affectie op andere manieren, zoals naast je zitten of aan je voeten slapen. Het zijn attente honden die gevoelig zijn voor de emoties van hun baasjes. Bouviers geven ook de voorkeur om thuis dichtbij hun mensen te blijven, dan op zichzelf te zijn.

Doordat Bouviers gefokt zijn als waakhonden, hebben ze een natuurlijk beschermend instinct voor hun “kudde”. Ze hebben de mentaliteit om als groep te leven en hebben daarom altijd het gezelschap van hun familie nodig. Ze zijn altijd op hun hoede en niet erg vriendelijk tegenover buitenstaanders zoals vreemden en andere honden. Bouvier pups moeten vroeg gesocialiseerd worden, anders kunnen ze angstig en agressief opgroeien naar anderen die geen lid zijn van hun roedel. Vanwege dit beschermende instinct kunnen ze als goede waakhonden dienen, maar moeten ze getraind zijn om bevelen te volgen.

Herdershonden zijn hardwerkende honden en hebben een natuurlijk instinct om te hoeden. Wanneer Bouviers zich vervelen door onvoldoende activiteit, krijgen ze de neiging om te gaan kauwen, blaffen, huilen en te gaan jagen. Als ze buiten vrij rond mogen lopen, zullen ze hun instinct “jagen en vangen” volgen en gaan ze jagen en hoeden op auto’s, fietsers en voetgangers. Dit is gevaarlijk, daarom is training voor Bouviers belangrijk en zullen ze aangelijnd moeten blijven elke keer dat ze naar buiten gaan.

De andere kant van de Bouviers is hun wilskrachtige, koppige en sociaal dominante persoonlijkheid. Vanwege de pack-mentaliteit heeft dit ras een “roedelleider” nodig, anders zal hij zichzelf als de leider laten gelden. De baas van een Bouvier moet een zelfverzekerd en sterk individu zijn. Puppy’s moeten niet alleen worden opgeleid om de roedelleider te volgen, maar ook om alle gezinsleden te gehoorzamen. Ze moeten goed gesocialiseerd worden met de kinderen.